Reisdata

vooraf
06-08-2005
07-08-2005
08-08-2005
09-08-2005
10-08-2005
11-08-2005
12-08-2005
13-08-2005
14-08-2005
15-08-2005
16-08-2005
17-08-2005
18-08-2005
19-08-2005
20-08-2005
21-08-2005
22-08-2005
23-08-2005
24-08-2005
25-08-2005
26-08-2005
27-08-2005
28-08-2005
29-08-2005
30-08-2005
31-08-2005
01-09-2005
02-09-2005
03-09-2005
04-09-2005
05-09-2005
weer thuis


2 DPRK

Bepakt en bezakt staan we 's morgens om 8 uur in de lobby en ontwaren, zoals verwacht, geen transfer. We kijken naar buiten, waar twee taxi's staan. We hadden het advies gekregen vooral een nieuwe taxi te nemen, zo'n blauwe met een okergele streep, maar die zijn nergens te bekennen. De wagens buiten zijn oude taxi's, die de reputatie hebben nogal eens toeristen op te lichten. Zeker als die naar het vliegveld willen. Onze taxichaffeur ziet er vriendelijk uit, maar blijkt toch van het slag te zijn dat graag iets extra's verdient aan rijke westerlingen. Hij laadt onze bagage in de achterbak en deelt mede dat de rit naar het vliegveld 189 yuan moet kosten. Ik leg hem uit dat het 85 zou moeten zijn. Wat, 85? Nou goed, 170 dan. Nee, niet goed. Ok, voor 150 doet hij het. Het is namelijk heel ver naar het vliegveld, moeten we weten. Ik maak een gebaar van "haal die bagage maar weer uit je kofferbak" en vraag aan de andere chauffeur wat hij rekent. Die is logischerwijs echter niet van plan zijn collega af te vallen en we accepteren het laatste bod van 125 yuan. Het is namelijk 100 yuan op de meter en 25 voor de tolweg, zegt de chauffeur. Volgens onze informatie is het ongeveer 85 yuan op de meter en 10 voor de tolweg, maar te laat komen voor 2 euro 50 is ook weer van die principiële onzin, dus we gunnen de man zijn lol en stappen in. Toeristen zijn er om aan te verdienen tenslotte en voor dat extra geld kun je een hoop kopen als Chinees. De chauffeur grijnst tevreden en probeert het nog gezellig te maken ook. Waar komen we vandaan? Oh Holland, Holland good! Wij gapen wat en staren uit het raam. Beijing is interessanter. Bij de tolweg betaalt de chauffeur netjes de 10 yuan en zet daarna de meter aan om een deel van de rit te kunnen verantwoorden aan zijn baas.

Een laatste blik op Beijing

Op het vliegveld treffen we Simon van Koryo Tours. Hij geeft ons onze vliegtickets en onze paspoorten, die nu voorzien zijn van een toeristenkaart voor Noord Korea. Tot onze spijt is er geen sprake van een mooie visumsticker zoals die van Rusland, Mongolie en China. Dit papier wordt weer ingenomen als we het land verlaten en ons paspoort krijgt geen stempels. Misschien is dit wel zo handig bij ons volgende bezoek aan de VS, maar toch hadden we graag een mooie Koreaanse sticker met indrukwekkende stempels gehad.

Simon heeft een groep Engelsen mee die, wie had dat ooit gedacht, op golfvakantie gaan in Noord Korea. Er is ook een Fransman, die net als wij een individuele tour heeft geboekt. Hij zal ook op de trein terug zitten, dus Simon stelt ons alvast aan elkaar voor. Bij het inchecken zien we een grote groep Koreanen in sporttenue, met op hun rug "D.P.R. Korea". Ze komen waarschijnlijk terug van een internationale studentensportolympiade in Turkije, en hebben enorme bergen bagage bij zich met westerse aankopen. Aan de dozen te zien is er een flink aantal DVD-spelers ingeslagen. Bij de balie naast ons staat een grote groep Nederlanders. Zij zitten op een andere vlucht, ook naar Pjongjang. Simon vertelde ons vanmorgen het verhaal dat hij hoorde op de Koreaanse Ambassade, toen hij onze visa ging halen. Een Nederlandse reisorganisatie had de hele groep toeristen meegenomen naar de ambassade om de visa te regelen. Het wachten duurde nogal lang, dus begon men te zingen. Iemand van de ambassade kwam naar hen toe en vroeg boos waar ze wel dachten te zijn. Naar verluidt reageerden ze daarop door een nieuw lied in te zetten. Simon is redelijk verbijsterd door dit verhaal. Dat zullen deze mensen wel zijn. Hun koffers staan keurig in het gelid opgesteld voor de incheckbalie en de reisleidster begint erg proactief een paar sterke mannen te recruteren uit de groep om de koffers een voor een op de bagageband te tillen waar ze gelabeled kunnen worden door de grondstewardess. Die moet daar echter niets van hebben en loopt liever zelf met haar labels langs de rij koffers. Even later staat de reisleidster toch achter de balie en roept opgewekt tegen de Chinese dame "Now we are collegues!". Die reageert echter niet. Alweer een cultuurclash.

Bij het inchecken gaat de bagage direct door een scanner. In onze rugzak is een verdachte vorm te zien, dus moeten we achter de balie kruipen om hem open te maken. We vissen een metalen zaklantaarn uit de tas en het is goed. We mogen zonder nader onderzoek weer gaan. Als later onze handbagage door de scanner gaat moeten de twee flesjes water geinspecteerd worden. Simon had al gewaarschuwd dat alles in de handbagage open gaat en dat je bijvoorbeeld vooral geen blikje ham mee moet nemen, omdat je dan de hele vlucht met een open blikje ham op schoot zit. De nog onaangebroken flesjes gaan inderdaad open. De douanier wuift wat lucht uit het flesje naar zich toe om te ruiken of er geen vreemde dingen in zitten. Als het water water blijkt te zijn mag het mee. We vermaken ons wat op het bijzonder luxe vliegveld van Beijing en kopen een slof Marlboro om uit te kunnen delen aan gidsen in Noord Korea. We slagen er nog in om een deel van onze yuans om te wisselen in euro's. Als je je Chinese geld wilt terugwisselen bij het verlaten van het land kan dat alleen als je je bonnen van het wisselen of pinnen bewaart dus dat hebben we zorgvuldig gedaan. Waar we op het vliegveld achterkomen is dat je bonnen ook van dezelfde bank moeten zijn, anders wordt er mooi niks gewisseld. We hebben pinbonnen van diverse banken in de aanbieding, maar die hebben helaas geen vestigingen op Beijing Capital Airport.

Ons vliegtuig is een Iljoesjin, een oud Russisch vliegtuig. Het interieur is jaren 70 (origineel dus, niet retro!) en uit het plafond worden surrealistisch aandoende wolken witte nevel op de passagiers gespoten. Het zal ongetwijfeld bedoeld zijn als luchtbevochtiging, maar ik begin meteen te fantaseren over mogelijkheden om de passagiers rustig te houden met aromatherapie. En er speelt Koreaanse operamuziek. Zodra iedereen op zijn plek zit stopt de nevel echter. Het vliegtuig is niet al te groot en Sas zit met zijn knieen klem tegen de rugleuning van de stoel voor hem en het tafeltje kan dan ook niet volledig uitklappen. Helaas zit het vliegtuig helemaal vol en is er geen mogelijkheid om ergens te zitten met meer ruimte. We hadden niet gedacht dat er zoveel mensen naar Pjongjang zouden vliegen. Het gerucht gaat dat er zelfs een extra vlucht is ingelast vandaag. Daar schijnt die Nederlandse groep op te zitten. Wat gaan al die mensen daar doen? Is de DRPK stiekum toch een soort Benidorm aan het worden?

De vlucht verloopt relaxed. Zodra iedereen zit worden allerlei douaneformulieren uitgedeeld voor Noord Korea. Als we opstijgen zit het halve vliegtuig (inclusief ik) nog vrolijk de papieren in te vullen op het uitgeklapte tafeltje. Bij de meeste andere maatschappijen ben je verplicht dat in te klappen, maar Air Koryo zit er niet mee. Het idee is dat bij start en landing de kans op ongelukken het grootst is en dat je met uitgeklapte tafeltjes het vliegtuig niet goed kunt evacueren omdat niemand uit zijn stoel kan komen. Zoals Sas droog opmerkt is dat hier niet van toepassing omdat de nooduitgangen toch geblokkeerd worden door de karren met kranten, dus wat maakt het nog uit of de tafeltjes zijn ingeklapt. Het zwemvest dat volgens de kaart met veiligheidsinstructies (ja, die lees ik altijd!) onder de stoel zou moeten zitten is trouwens ook niet aanwezig. Nouja, dan maar hopen dat we niet in de Oostchinese zee vallen. Meer kunnen we toch niet doen. Op de anderhalf uur durende vlucht krijgen we een enorme maaltijd geserveerd. Eerst verschijnt er grote een plastic bak met allerlei koude lekkernijen, dan volgt er een warm bakje met rijst en vlees, wat op zichzelf al genoeg was geweest. Het blijkt en voorbode van wat ons in Korea te wachten staat op eetgebied: extreem uitgebreide maaltijden die we geen enkele keer op krijgen.

Een 3D ansichtkaart van Air Koryo, de Noord Koreaanse luchtvaartmaatschappij. Het toestel vliegt over het kratermeer van Mount Paektu, de heilige berg van Korea.

We landen op Sunan Airport in Pjongjan. De terminal is een klein gebouw met een groot portret van Kim Il Sung aan de gevel. De paspoortcontrole is precies hetzelfde als in andere landen, maar voor we naar buiten mogen moet de bagage worden gecontroleerd. Een aantal zaken, zoals computers, gsm's en bepaalde lectuur mag Noord Korea namelijk niet in. De laptop en Sasja's gsm hebben we daarom in het hotel in Beijing laten liggen. Mijn gsm, een vrij oud model, hebben we meegenomen om vanmorgen onderweg naar het vliegveld eventueel nog Simon te kunnen bellen, die onze tickets en paspoorten in zijn bezit had. Ik laat mijn gsm zien aan een douanier en word verwezen naar een aparte balie waar dergelijke zaken worden ingenomen. Simon krijgt het ontvangstbewijs waarmee de telefoon weer teruggekregen kan worden bij het verlaten van het land. Sasja heeft ondertussen een discussie met een douanier over de portable hard disk voor onze foto backups. Na de nodige uitleg mag het apparaat mee naar binnen.

Dan worden we overgedragen aan onze gidsen. Toeristen kunnen in Noord Korea niet zomaar een beetje in het wild rondlopen en gaan en staan waar het hen goeddunkt. Iedere groep (en wij zijn een groep van twee personen) krijgt twee gidsen en een chauffeur mee die een vooraf vastgesteld excursieprogramma afwerken. Wij zijn dus de hele week "outnumbered" door onze Koreaanse begeleiders, de gidsen Mr O en Mr Kim en de chauffeur Mr Yu. We hebben een Japans minibusje tot onze beschikking (het stuur weer aan de rechterkant), zodat we lekker ruim zitten. Mr O zit achter ons en geeft tekst en uitleg over gebouwen die we passeren en de wegen die we berijden. Als we een minuut of vijf onderweg zijn vraagt hij "Are you a couple?". Als wij bevestigend antwoorden kijkt hij ons onderzoekend aan en zegt tegen mij: "But you are older than him, is that fashionable in Holland?" Ik zit even met mijn mond vol tanden bij zoveel directheid en weet niet goed wat te antwoorden. Echt, binnen vijf minuten! Ik begin me bezorgd af te vragen of ik een andere crème moet gebruiken als het kennelijk zo opvalt. Als ik die avond mijn verbijstering uitspreek tegenover Sas wijst hij me er lachend op dat onze gidsen vooraf al onze visuminformatie en een kopie van onze paspoorten hebben gekregen. Ze weten alles al. Ach, natuurlijk! Ik haal opgelucht adem.

Uit meer dingen blijkt dat de gidsen goed op de hoogte zijn. Wij stellen ons voor als Sasja en Hanneke, maar worden vervolgens aangesproken met onze officiële voornamen. Zelfs mijn ouders noemen me geen Johanna! Er zijn ook kleine controlevraagjes. Bij de visumaanvraag voor Noord Korea moet je een werkgeversverklaring opsturen, waarin je werkgever verklaart waar je werkt en wat je functie inhoudt. Dit is bedoeld om journalisten te weren uit de DPRK. Voor ons had die verklaring wat voeten in aarde. Omdat we allebei een eenmanszaakje hebben zijn we onze eigen werkgever. Geen nood, zo zei TiaraTours, het mag ook een verklaring van een werknemer zijn. Nu zijn wij beiden een eenmanszaak in de letterlijke zin van het woord en zijn dus ook onze eigen (en enige) werknemer. Ik had daarom twee verklaringen door onszelf over onszelf opgesteld, met als bonus het Kamer van Koophandel nummer er in, maar dit was niet goed. Gelukkig mocht het ook een verklaring van een klant zijn, en toen was het wel in orde. Als de gidsen onze officiële voornamen uit hun hoofd kennen weten ze vast ook wel wat voor werk we doen, maar toch informeren ze beiden, op verschillende tijdstippen, belangstellend naar onze baan in Nederland. We moeten er wel om lachen, het hoort allemaal bij het spel dat "toerist in Noord Korea" heet.

We rijden Pjongjang binnen, waarbij Mr O ons vanaf de achterbank allerlei wetenswaardigheden vertelt, zoals dat er 70 miljoen Koreanen zijn. Een fractie van een seconde verbazen wij ons over die hoeveelheid maar Mr O vervolgt met de mededeling dat er van die 70 miljoen 30 miljoen in Zuid Korea wonen, 20 miljoen in Noord Korea en 20 miljoen in het buitenland. (Noot achteraf: het CIA world factbook geeft voor 2005 de volgende getallen: Noord Korea: 22.9 miljoen en Zuid Korea 48.4 miljoen inwoners.)

Al snel stoppen we bij een enorme triomfboog die over de weg heen staat. Deze boog is gewijd aan de terugkeer van Kim Il Sung na de bevrijding van Korea in 1945. Hier op het plein heeft hij het verzamelde volk toegesproken, hetgeen is vastgelegd op een groot mozaiek. Het naburige Moranbong stadion is later hernoemd naar Kim Il Sung stadion. Een lokale gids leidt ons rond en verteld dat de boog gebouwd is in 1982, ter gelegenheid van de 70e verjaardag van Kim Il Sung. De zijkanten zijn daarom versierd met 70 azaleas, de nationale bloem van Noord Korea. Alle jaartallen, bouwtijden en afmetingen worden nauwkeurig vermeld, cijfers lijken erg belangrijk te zijn. De maten van het mozaiek hebben ook een symbolische betekenis, niets is hier toevallig gekozen. De gids draagt een vrolijk gekleurde traditionele Koreaanse jurk met een hoge taille en een wijde rok. Haar haar zit netjes opgestoken. Ze knijpt haar ogen tot spleetjes en vertelt haar verhaal op een strenge, bijna verwijtende toon. Het voelt haast alsof wij, rare westerlingen, beschuldigend worden toegesproken. Ik begin de kriebels te krijgen. Oh my! Als we een week lang zo worden toegesproken komt er een moment dat ik ga gillen, dat kan niet anders. Aan de voet van de triomfboog is een klein tafeltje met souvenirs, vooral boekjes en folders. We kopen een folder over het monument en een toeristische kaart van Pjongjang. Dan blijkt dat Mr O kennelijk ook niet zo tevreden is over het verhaal van de gids. Hij loopt het rondje nog een keer met ons en legt alles opnieuw uit met, opmerkelijk genoeg, andere getallen voor de afmetingen van het mozaiek die ons een stuk realistischer voorkomen.

De Arch of Triumph

Hoger dan die in Parijs!

Detail van de decoraties

Details van het mozaiek dat uitbeeldt hoe Kim Il Sung het volk toespreekt na de bevrijding

De volgende stop is het Kim Il Sungplein. Het plein ligt midden in de stad, aan de rivier de Teadong. Op het plein zijn honderden schoolkinderen, allemaal gekleed in zwarte broeken of rokken met witte bloesjes er op, aan het oefenen voor de parade van 10 oktober aanstaande, de dag dat de Koreaande Arbeiderspartij 60 jaar bestaat. Ze staan of zitten keurig opgesteld in lange rijen, te wachten op hun beurt. Als je de brede trap op loopt sta je aan de oever van de rivier. Aan de overkant, recht tegenover de rivier staat de Tower of the Juche Idea, een van de gezichtsbepalende gebouwen van Pjongjang.

Dan worden we naar het hotel gebracht. We zitten in het Yanggakdo Hotel, een van de grootste en meest luxe toeristenhotels van Pjongjang. Het is gebouwd op het Yanggakdo Eiland, in de rivier de Teadong. Onze kamer op de 33e verdieping is van alle gemakken voorzien. We hebben een koelkast, theekopjes en een thermoskan met heet water, lekkere shampo in de badkamer, en wederom zo'n leuk nachtkastje met lampenbesturing en zelfs een ingebouwde wekker. En een uitzicht natuurlijk! Het is wat nevelig buiten, maar niettemin is het uitzicht over de stad de moeite waard. Recht tegenover ons staan grote woonflats, een eindje verderop is de de Juche Tower te zien.

Mr O neemt ons mee naar het hotelrestaurant "Number 2". Daar wordt eerst het reisschema doorgesproken. Ons schema en dat van hem blijken volstrekt anders te zijn qua volgorde. Ook zitten er enkele andere dingen in. Na uitvoering overleg komen we overeen hoe het programma er uit zal zien, en wij schrijven alles op, zodat we nog een vaag idee hebben van wat ons dagelijks te wachten staat. Helaas kon ik de reisgids over Noord Korea, die ik in de trein had willen lezen, thuis niet meer vinden in de inpakchaos, dus zijn we betrekkelijk blanco en laten alles maar over ons heen komen. Sas heeft vooraf wel het een en ander al gelezen en geeft mij af en toe wat extra info.

Als we klaar zijn komt de serveerster voor de vierde keer langs met de menukaart en kan ze eindelijk onze bestelling openemen. Mr O verdwijnt en we nuttigen de maaltijd met zijn tweetjes. En dan slaat opeens de twijfel toe. We gingen er vanuit dat alles inclusief was, ook het eten. Maar we mochten hier zelf kiezen wat we wilden eten en er staan ook prijzen achter de gerechten. Hebben we ons vergist en moeten we het eten zelf betalen? We pijnigen onze hersens en graven in ons geheugen. We zijn het echt even helemaal kwijt. Na ruim drie weken door Rusland, Mongolië en China te hebben gereid kunnen we ons de details van de boeking niet meer helder voor de geest halen. Ook de papieren van TiaraTours bieden geen informatie op dit punt. Voor de zekerheid tellen we ons geld. In Noord Korea kun je niet even pinnen of naar de bank, dus je moet alles wat je nodig denkt te hebben contact meenemen. Gelukkig hebben we vooraf nog extra Chinees geld gepind, dus het zou wel moeten lukken. Maar toch.... We besluiten af te wachten of er een rekening verschijnt, maar er gebeurt niets. Uiteindelijk staan we maar op, knikken naar het personeel, dat vriendelijk terugknikt en lopen de deur uit. Niemand rent achter ons aan, dus het zal wel goed zijn.

Het Yanggakdo Hotel Lampbesturing naast het bed Uitzicht op de Juche Tower

Mr O leidt ons rond door het hotel, dat door de Bradt Travel Guide treffend omschreven wordt als een "Alcatraz of Fun". Er zijn diverse restaurants te vinden, een supermarktje, twee souvenirwinkels, een boekhandel en een zwembad. De gang naar het zwembad is nog geen twee meter hoog, zodat Sas flink door de knieen moet om er doorheen te lopen, waar onze gids wel om kan lachen. In de lobby is een tea bar (waar men uiteraard ook alcohol schenkt) en in de kelder een casino. Dat laatste vertelt Mr O ons niet, maar hebben we gister gehoord van Simon van Koryo Tours. Het casino wordt gerund door Chinezen uit Macao en schijnt verboden terrein te zijn voor Koreanen.