Reisdata
vooraf
06-08-2005
07-08-2005
08-08-2005
09-08-2005
10-08-2005
11-08-2005
12-08-2005
13-08-2005
14-08-2005
15-08-2005
16-08-2005
17-08-2005
18-08-2005
19-08-2005
20-08-2005
21-08-2005
22-08-2005
23-08-2005
24-08-2005
25-08-2005
26-08-2005
27-08-2005
28-08-2005
29-08-2005
30-08-2005
31-08-2005
01-09-2005
02-09-2005
03-09-2005
04-09-2005
05-09-2005
weer thuis
|
Beijing
De eerste aktie van vandaag: een andere kamer vragen. Gelukkig voelt het meisje van de front desk
met ons mee en we krijgen de kamer naast Eric, op de zevende verdieping. Die kamers hebben een
internetaansluiting, dus we zijn dubbel blij, maar helaas blijkt die van ons het niet te doen.
Maar dat geeft niet: er moet eerst een stad ontdekt worden, en dat gaat toch altijd beter "in
real life" dan online.
We lopen van het hotel naar het bekende Tiananmenplein, ofwel het Plein van de Hemelse Vrede.
Hier zijn onder meer het mausoleum van Mao te vinden, het National Museum en het Monument voor
de helden van het Volk. Er tegenover ligt de toegangspoort naar de Verboden Stad, het voormalig
keizerlijk paleis van Beijing, uit de 15e eeuw na Christus.
Maar eerst wandelen we door de straten van Beijing, en kijken onze ogen ujit. Zo hard als de
Chinezen naar ons staren, zo kijken wij naar de stad, waar alles anders is en toch ook weer
niet. we passeren een parkje en lopen er in. Onder de bomen zitten mensen schaak te spelen of
mahjong, en iedereen biedt ons een massage aan. Op een heuveltje is een versierde pagode met
mooi uitzicht over de buurt. Net als in Ulaan Baatar treffen we ook hier publieke
fitnesstoestellen, maar dan een heel uitgebreid assortiment, in paars en roze uitgevoerd.
|
 |
 |
 |
| Stadspark met fitnesstoestellen, communistische beelden en een pagode op een heuvel |
|
Bij een kruispunt onderweg blijven we een tijdje naar het verkeer staan kijken. Twee grote
wegen kruisen elkaar, elk met twee maal vier rijstroken. Bij elk licht staat tevens een
verkeersregelaar onder een parasol. Hij blaast hard op zijn fluitje om aan te geven wie er mag
rijden. Niet dat iedereen zich daar wat van aantrekt: vooral voetgangers beginnen alvast te
lopen tijdens rood licht en steken de brede wegen in etappes over. Als je wacht op groen
beginnen de auto's vaak alweer te rijden voor je aan de overkant bent. Het verkeer doet
chaotisch aan, maar niet gevaarlijk. Auto's mogen afslaan door rood licht (zowel links als
rechtsaf) en doen dat voortdurend, ook als ze daarbij een zebrapad over moeten. Ze glippen
gewoon tussen de voetgangers door.
Voetgangers hebben een aparte strategie ontwikkeld, horen we later. Bij het oversteken kijkt
men automobilisten nooit aan, maar staart naar de grond, ondertussen het verkeer vanuit de
ooghoeken in de gaten houdend. Als een automobilist namelijk een voetganger aanrijdt, heeft de
auto altijd schuld, ook als de voetganger door rood loopt. Auto's rijden daarom niet al te hard.
Een bestuurder aankijken betekent dat je hem gezien hebt en daarmee geef je hem eigenlijk
automatisch voorrang. Als je naar de grond staart heb je de auto niet gezien en loop je gewoon
stug door. Het is wel belangrijk om een constante snelheid aan te houden, zodat men je pad in
kan schatten en netjes om je heen kan rijden.
De straten worden bevolkt door auto's (vooral Chinese merken en heel veel Volkswagens), bussen en fietsers. Op het
concept fiets bestaan vele variaties. Er zijn bakfietsen (en brommers) voor vrachtvervoer en
personenvervoer. In de toeristische stukken wordt je voortdurend aangesproken door mannen met
riksja's. Daar zitten soms hele Chinese families ingeperst, de kinderen stuiterend op schoot.
In andere straten wemelt het van de uitpuilende overbeladen vrachtbrommers of fietsen, met zich
in het zweet trappende bestuurders voorop. Zo zien we regelmatig bakfietsen langsgaan met volle
of lege flessen voor kantoor-watercoolers.
|
|
|
Als we, ettelijke foto's later, bij het Tiananmenplein arriveren is het een drukte van jewelste.
Half China viert zo te zien vakantie in Beijing. Ook al wemelt het hier van de toeristen, we
zijn nog steeds maar een paar van de zeer weinige westerlingen. De Chinese toeristen klikken er
lustig op los met hun camera's. Hele families poseren ernstig kijkend voor de poort naar de
Verboden Stad (ook wel paleismusuem genaamd), en onder het portret van Mao.
Wij proberen ondertussen foto's te maken van zowel de mensen als de monumenten, want we willen
graag wat sfeerbeelden van Chinezen op straat. Maar zelf blijken we ook een attractie. Bij een
onderdoorgang naar de overkant van de weg kopen we twee papieren Chinese vlaggetjes bij een
oude dame. Ik vraag of ik een foto van haar mag maken, maar dat wil ze niet. Een vrouw die ons
ziet echter, parkeert haar dochtertje pontificaal naast ons en doet een paar stappen terug om
een foto te maken. Wij lachen braaf naar de camera. En dat midden op de trappen, in de
langsdeinende mensenzee.
Op het Tiananmenplein vergapen we ons aan de communistische leegte en de imposante gebouwen. En
dan gebeurt wat Todd uit Ulaan Baatar ons al had verteld: het de Chinese kunstverhaal. Twee
aardige meisjes spreken ons aan. Waar we vandaan komen, of dit onze eerste dag in Beijing is
etcetera. Ze vertellen Engels te studeren en Chinese kunst. Toevallig is er een tentoonstelling
van hun kunst in het National Museum, maar vandaag is de laatste dag, dus als we het willen zien
moeten we snel zijn. Zij lopen wel even met ons mee. We herkennen Todd's verhaal en beginnen te
lachen. Elke dag is de laatste dag van de tentoonstelling (al jaaaren!) en het idee is dat
toeristen hier schilderijtjes kopen voor teveel geld. Met de kunst op zich is verder niets mis,
het is alleen wat overprijsd. Het plein wemelt van de mensen die je naar de kunst willen brengen
en ze hebben allemaal een soortgelijk verhaal. De een is kunststudent, de ander suppoost, en de
derde roept ons gewoon toe: "You wanna see the pictures?" Eigenlijk hadden we met hem mee moeten
gaan, gewoon om zijn directheid te belonen, maar we poeieren iedereen vriendelijk doch beslist
af. Eric rent al snel weg zodra iemand over kunst begint of pakt zijn gsm en begint zogenaamd
een telefoongesprek, maar wij zeggen tegen elke volgende Chinees die ons aanspreekt al direct
met een grote glimlach dat we niet naar de expositie gaan en dat werkt heel aardig. Ik heb de
dames trouwens halverwege hun verhaal nog wel mooi laten poseren voor een foto. Vijf minuten
later zien we ze met iemand anders aanpappen.
|
 |
 |
 |
| Tian An Men, het plein van de Hemelse Vrede |
"We study Chinese art!" |
|
We komen in de grote winkelstraat terecht en eten een hapje bij een "Chinese Muslim Restaurant".
Ze hebben intrigerende gerechten op de kaart staan. Eric nuttigt een vleesschotel van schapenkop,
maar wij houden het bij pikante kip, gekruide komkommer en walnoten met ananas. Voor dit alles
(we zitten harstikke vol) betalen wij nog geen 5 euro per persoon. Ongelofelijk. Het toilet is
overigens wel van het "hurktype", daar ontkom je hier ook in de betere restaurants niet aan.
Er zijn veel winkels die souvenirs verkopen. Ze hebben bijna allemaal hetzelfde aanbod, en
vooraan staan steevast de bakken met armbandjes en jade hangertjes voor 10 yuan per stuk (10
yuan is 1 euro). In de bakken wordt flink gegraaid door het winkelend publiek. Op de afgeprijse
waar staan nog stickers met onwaarschijnljk hoge bedragen (226 yuan, 384 yuan) om de mensen het
gevoel te geven dat ze echt een koopje te pakken hebben, maar het is duidelijk dat die spullen
nooit zoveel gekost hebben. Ik koop wat jade frutsels, Sas wat Mao-frutsels en Eric twee maskers
voor aan de muur. Hij informeert eerst naar de prijs maar vindt die te hoog en gaat buiten op
ons staan wachten. Zonder het te weten is hij kennelijk aan het afdingen, want even later komt
men achter hem aan gerend en is de prijs gezakt tot een fractie van het eerste bedrag.
We bezoeken een enorme boekhandel en kijken onze ogen uit. Verdieping na verdieping vol Chinese
boeken over werkelijk elk onderwerp. We kunnen er geen woord van lezen, maar sommigen zou je
gewoon bijna kopen voor de kaft en de mooie plaatjes. En uiteindelijk doen we dat ook. Ik koop
een geillustreerd boekje over de Chinese geschiedenis en een tweetalig boek met een oud Chinees
verhaal er in, om te lezen in Noord Korea. Er zijn niet zoveel Engelstalige boeken, maar er is
een zeer uitgebreide afdeling boeken en cassettes om Engels te leren. Sommige systemen hebben
twijfelachtige namen als "Crazy language" en "Crack vocabulary" en er is zelfs een set
verzamelde speeches van GW Bush met Chinese transcriptie. Bedoeld om Engels van te leren. Stel
je voor, straks spreken er een miljard Chinezen het Engels van Bush. Ouch!
|
 |
 |
 |
| Winkelstraat |
Uitverkoop! |
Terrasje |
|
We dwalen nog wat door een hal met speelautomaten. "For use in Japan only" staat op een aantal
schermen. Daar zal men hier echt niet van wakker liggen. Op straat zijn nu al dvd's te koop van
Amerikaanse films die in de VS nog maar 2 weken in de bioscoop draaien. En bij het metrostation
kun je exact dezelfde trainingsbroeken krijgen met naar keuze een Adidas- of een Nikelogo.
Vanaf een terrasje slaan we het straatgewoel gade. Het is echt zomer; iedereen lijkt in
vakantiestemming. Mensen zijn vrolijk, drinken bier, eten ijsjes en kopen souvenirs. Kleine
meisjes lopen met versieringen op hun hoofd en vaders met kuffels onder hun arm. Beijing is
leuk! Althans, wat we er tot dusver van gezien hebben en da's natuurlijk maar heel weinig. We
breiden onze ervaring uit door de metro te nemen. Da's goed te doen. Je koopt een kaartje voor
3 yuan, geen gedoe met zones en verschillende tarieven. Niet voor zover wij weten althans. De
naam van halte (en die van de volgende halte!) staat ook in het Engels aangegeven en wordt in
de metro zelfs in het Engels omgeroepen, zij het niet altijd even verstaanbaar. De Chinese
boodschap is ook altijd veel langer dan de Engelse. We vragen ons af wat ze allemaal zeggen.
"En dan nu voor de domme buitenlanders die geen Chinees spreken: de volgende halte is..."
|
|