Reisdata

vooraf
06-08-2005
07-08-2005
08-08-2005
09-08-2005
10-08-2005
11-08-2005
12-08-2005
13-08-2005
14-08-2005
15-08-2005
16-08-2005
17-08-2005
18-08-2005
19-08-2005
20-08-2005
21-08-2005
22-08-2005
23-08-2005
24-08-2005
25-08-2005
26-08-2005
27-08-2005
28-08-2005
29-08-2005
30-08-2005
31-08-2005
01-09-2005
02-09-2005
03-09-2005
04-09-2005
05-09-2005
weer thuis


Ulaan Baatar

Wat we al een beetje verwacht hadden gebeurt: wij betreden 's morgens om 10.05 uur de ontbijtzaal en alles is leeg. "Breakfast?" vragen wij voorzichtig. "Finished" antwoordt de ober. Ik leg uit dat we hadden afgesproken om 10 uur en haal het kaartje tevoorschijn dat de dame van de receptie gister voor ons heeft geschreven met daarop tijd en kamernummer. Ok, dan is het goed. De ober sjokt gelaten naar de keuken en keert terug met een redelijk uitgebreid ontbijt waar ondemeer worstjes en een gebakken ei aan te pas komen. Als Eric een kwartiertje later ook nog aan komt zetten produceert hij zonder morren nog een ontbijt.

Sas en ik begeven ons naar het Staatswarenhuis, om souvenirs te kijken. Onderweg daarheen passeren we een kraampje met fruit. De man in de kraam gebaart dat we een foto van hem moeten maken. Ik laat de foto zien op het schermpje van mijn camera. Behalve zijn hoofd zijn er nog een stapel bananen en appels te zien. Zijn vrouw, die tot dan toe onzichtbaar was, materialiseert opeens op vanonder de kraam en bestudeert de foto. Ze is helemaal verrast: "Kijk, dat zijn onze bananen!" In het Staatswarenhuis, waar de bovenste verdieping is gewijd aan souvenirs, koop ik een paar vilten sloffen. Als de nomaden in vilten tenten wonen dan moet ik hier 's winters warme voeten in kunnen houden thuis. We kopen nog wat souveniertjes en zakken af naar de muziekafdeling waar Sas op goed geluk twee cd's koopt met Mongoolse rap die op nummer 1 en 3 van de nationale hitparade staan zoals we die avond op tv zien.

Mensen op straat in Ulaan Baatar

Als we terug komen is Todd net bij het hotel gearriveerd. We nemen een taxi (die ons probeert op te lichten, wat niet lukt omdat Todd het door heeft) naar een Sovjet-oorlogsmonument op een heuvel in de buurt. Het bestaat onder meer uit een rond mozaiek dat de geschiedenis en oorlogen van Mongolie en Rusland uitbeeldt. Iets dergelijks hebben we vorig jaar gezien in Georgie, waar het, in een afgelegen berggebied, volkomen misplaatst bovenop een heuveltop stond. Mongolie is, in tegenstelling tot Georgie, nooit onderdeel geweest van de Sovjetunie, maar was wel communistisch in die periode en er zijn nog veel Russische invloeden merkbaar, waaronder het gebruik van het Cyrillisch alfabet. Rusland is popoulairder van China, omdat de samenwerking met de Russen Mongolie beschermde tegen de overheersing door China. Nog steeds zijn Chinezen niet geliefd in Mongolie, maar er zijn wel Chinese restaurants. Ook staat er een oude Russische tank, die in de tweede wereldoorlog van Moskou naar Berlijn is gereden en daarna op eigen kracht weer terug. Hij is echt, maar ziet er niet uit, omdat hij in de loop der jaren steeds is overgeverfd met dikke lagen verf zonder de oude er af te halen. De route die de tank heeft afgelegd staat afgebeeld op de sokkel en ziet er indrukwekkend uit.

De weg omhoog naar het monument bestaat uit een ontzettend lange trap die het nodige uithoudingsvermogen vergt. Op de tussenstukjes zitten telkens verkopers met schilderijtjes en ansichtkaarten waarvan we er gister al veel gezien hebben. Boven heb je een fraai uitzicht over Ulaan Baatar. In de verte zie je het industriegebied liggen met vieze fabrieken en grote elektriciteitscentrales. In de communistische tijd zijn die zeer onnadenkend zo gesitueerd dat 's winters de rook van de fabrieken als smog over de hele stad blijft hangen. En dat terwijl Mongolie eigenlijk heel schone, heldere lucht heeft. Nu is het gelukkig ook heerlijk fris. Het waait lekker en ik moet mijn rok vasthouden om een aantal onvrijwillige "Marylin Monroe momenten" te voorkomen.

De tank en zijn route Gedenkteken Detail van mozaiek

Naast het uitkijkpunt ligt een oovo. Een ovoo is een berg stenen waar men, na toevoeging van een eigen steen, drie keer omheen dient te lopen om een behouden reis af te smeken bij de goden. Deze oovo is dusdanig op de rand van de heuveltop gesitueerd dat je dit geluk alleen al nodig hebt om je drie rondjes te volbrengen, maar desalniettemin lopen diverse mensen er omheen. Er naast staat een lange stok met lintjes er aan geknoopt. De meeste zijn blauw, voor goed geluk, maar er zijn er ook met specifieke wensen er op.

Een Mongools jongetje, dat aan de buitenkant van het uitkijkpunt aan het rondklimmen is vraagt of ik een foto wil maken. Als ik hem de foto laat zien op het schermpje van mijn camera kraait hij het uit van plezier en roept zijn vriendje erbij om ook op de foto te gaan.

Onderweg omlaag blijven we even staan kijken bij een van de verkopers die oude medailles in de aanbieding heeft. De kunstverkoper naast hem spreekt ons aan en begint opeens Mongoolse keelzang te doen. Gefascineerd blijven we staan kijken en luisteren. Eric vraagt hem of hij hem mag filmen voor "Speakers World" en de man gaat accoord. Hij geeft een uitgebreide demonstratie van het keelzingen, vanuit buik, middenrif en keel. Terwijl Eric filmt en Sas en ik foto's maken blijven steeds meer mensen staan kijken. Tot besluit kopen we wat tekeningen, gemaakt door hemzelf en zijn jongere broer. Die zit even verderop zijn kunst te verkopen, maar durft geen keelzangdemonstratie te geven omdat hij vindt dat hij het niet goed genoeg kan.

Eric filmt de Mongoolse keelzanger voor "Speakers World"

Onze volgende stop is het SukheBaatarplein, waar Eric meer mensen wil interviewen voor "Speakers World". Todds vrouw komt helpen om uit te leggen wat de bedoeling is. Spreker nummer 1 is Ed, de verkoper van wie wij gister ons eerste kaartje hebben gekocht. Hij is een goede kennis van Todd, omdat die al jaren zijn postzegels bij hem koopt. Terwijl Ed wordt gefilmd vormt zich een kleine menigte. Al zijn collega-kaartverkopers, de meeste kinderen die in de zomer geld verdienen voor hun schoolboeken, komen kijken waarom Ed wordt geinterviewd. Een klein pittig jongetje wil ook wel wat zeggen. Het statief van de camera moet een flink stuk omlaag geschroefd worden om hem op ooghoogte te kunnen filmen. Hij laat alle tekeningen zien die hij verkoopt en laat horen dat ook hij kan keelzingen.

Als het filmen klaar is moet er natuurlijk kunst gekocht worden. Een kleine jongen, van wie we gister ook een kaartje hebben gekocht, wil weten wat Eric voor zijn aankopen bij Ed heeft betaald. "Oh, dat is veel te veel! Kijk, bij mij kost het veel minder!" roept hij en laat zijn hele map zien. Die komt er wel in de markteconomie! De enige die nog geen omzet heeft gemaakt is een verlegen meisje, dus ik vraag of ik haar collectie mag zien. Voor 3000 tugrug verwisselt een waterverftekening van een bijzonder vrolijke kameel van eigenaar en iedereen is blij en tevreden. Vooral Eric, die nu drie mensen in het Mongools heeft voor zijn film.

Ed showt zijn handelswaar ...en geeft zijn mening De kleine verkoper

2600 Magazine, het hackertijdschrijft dat Eric uitgeeft, publiceert in elke afleveringen foto's van buitenlandse telefooncellen. Lezers kunnen hun foto's insturen en hoe exotischer het land, hoe beter natuurlijk. In de loop der jaren zijn de meeste landen meerdere keren de revu gepasseerd, maar Mongolie is nog onontgonnen gebied. Eric wil nu graag een foto van een van de levende telefooncellen die je hier overal langs de straat ziet zitten.

Via Todd's vrouw geeft oudere dame toestemming om foto's te maken. Ze heeft een sjaal voor haar mond en neus, zodat je alleen haar ogen nog ziet, waardoor ze er wat alien uitziet. Een sjaal of mondkapje hebben de meeste mensen die de hele dag langs de weg zitten. Roetfilters in auto's zijn hier duidelijk nog niet doorgedrongen en het verkeer is letterlijk adembenemend.

Sas en ik knippen er lustig op los, als er opeens een oudere man aankoomt die zegt dat we geen foto's mogen maken. Het blijkt een grapje. De man is haar echtgenoot en als hij hoort wat de bedoeling is poseert hij spontaan als bellende klant. De echtgenoot is gepensioneerd arts en hij wil wel geinterviewd worden voor Speakers World. Terwijl Eric filmt komen nu alle collega-telefooncellen er omheen staan om te kijken wat er allemaal gebeurt. De man ziet er werkelijk keurig uit, met een lange regenjas aan en een nette hoed op. Alleen zijn zonnebril staat helemaal scheef op zijn neus. Hij spreekt ook mooie woorden in het Mongools, want Todd's vrouw zit heftig te knikken.

De menselijke telefooncel Klant in aktie Mooie woorden voor de camera

Zeer verheugd over dit onverwachte succes zoeken we de schaduw van een terrasje op om iets te drinken. Als Tobb uiteindelijk veel te laat (maar da's normaal in Mongolie) naar een familieverplichting vertrekt lopen wij naar het hotel waar we onze email checken via de inmiddels bemachtigde 'internetkaart'. Het duurt even om de boel aan de praat te krijgen. Uiteindelijk blijkt het helemaal geen technisch probleem te zijn: je moet eerst naar de front desk bellen om te vragen of je naar buiten mag bellen. Binnen 10 seconden wordt je teruggebeld dat het kan en voila: dan kan het.

Morgen gaan we naar Hustai National Park en dan krijgen we ongetwijfeld Mongools eten, dus waarom nu niet iets westers? Daarbij komt dat de meeste Mongoolse restaurants in Ulaan Baatar volgens Todd niet veel soeps zijn, dus op zijn aanraden zetten we koers naar "California".

In Ulaan Baatar is 's avonds vrij weinig (meestal geen) straatverlichting, wat betekent dat je goed moet kijken waar je loopt. De stoep is namelijk verre van vlak. Gaten in het plaveisel worden gerepareerd door er plompverloren een kwak beton in te storten, waar dan vervolgens iedereen uitgebreid doorheen gaat lopen, voordat het droog is. Zo heb je hier dus hele stukken stoep die van vrolijke voetstapjes voorzien zijn. Je kunt dus lelijk je tenen stoten, maar dat is slechts een klein ongemak. Gevaarlijker zijn de, veelvuldig aanwezige, gapende gaten in de stoep, alsmede de onopvallende putten zonder deksel. Ogen open dus!

Het je over straat verplaatsen met behulp van een zaklantaarn wordt afgeraden, aangezien je dan van grote afstand adverteert dat je toerist bent en dus kandidaat voor beroving. Niet dat wij die kans erg groot achten, afgaande op de sfeer. We worden alleen veel aangestaard als buitenaardse verschijningen, verder alles is hier nogal relaxed. De buitenwijken van Ulaan Baatar hebben in elk geal wel de reputatie dat je er als toerist niet moet komeni n het donker. Maarja, dat geldt voor zoveel steden.

Als we bij "California" aankomen blijkt de keuken al gesloten, dus kiezen we voor het naastgelegen "Brauhaus". Op de een of andere manier lijken veel Mongolen hun culinaire ervaringen in Duitsland op te doen. Er zit ook al een "Kahn Brau" in de stad. Hoewel een bord buiten adverteert voor Chinees eten, is de keuken van het Brauhaus, zoals de naam al doet vermoeden, zeer Duits. Een noviteit, die ikzelf nergens eerder heb gezien, is de "beer exchange". Op een scherm bovenin de zaak worden de steeds veranderende bierprijzen geprojecteerd. Het is zaak te wachten tot je favoriete merk op zijn dieptepunt is en dan snel te bestellen. Of de hoeveelheid bestellingen dan de koers weer opdrijft wordt ons niet helemaal duidelijk.

Ik heb geen zin in al dat gedoe met die Duitse worsten, want buiten de vakantie ben ik overwegend vego, dus ik probeer twee porties friet te bestellen. De ober knikt vriendelijk, zoals men dat hier altijd doet, maar er verschijnt geen friet. Als Eric een nieuw glas bier bestelt proberen te vragen of mijn friet nog komt. Eric wijst daartoe op de frieten van zijn gerecht. De ober knikt enthousiast en serveert mij luttele minuten later een kopie van Eric's gerecht.

Dat was niet de bedoeling. Ik kijk wat ontdaan naar de mij aangrijnzende worsten en vraag om de kaart. Als ik de frieten aanwijs is het de beurt aan de ober om verbijsterd te kijken. Ik kan geen losse friet bestellen, het is alleen een bijgerecht! Aha. Nu begrijpen we elkaar. Ik doneer mijn worsten aan Sas en krijg Eric's groenten en rijst en zo wordt het toch nog een aardige maaltijd. De ober is aardig en behulpzaam en verdient een fooi, vinden wij. We ronden de prijs van de maaltijd af en leggen een mooi rond bedrag op tafel. Fooi geven is (nog) niet zo gebruikelijk in Mongolie. De ober neemt het geld blij in ontvangst en loopt weg, ondertussen nog een paar keer achterom kijkend of te zien of we niet toch zijn blijven wachten op het wisselgeld. Wij zwaaien vrolijk en hij zwaait vrolijk terug.

Een van de meer verlichte straten van Ulaan Baatar, met volle maan!

Omdat we morgen vroeg op moeten en het nog zeker een half uur lopen is nemen we een taxi naar het hotel. De ritprijs bedraagt 750 tugrug, ongeveer 75 dollarcent. We betalen met 1000 en laten de rest zitten. De chauffeur is blij verrast, hetgeen nog maar eens aangeeft hoe rijk wij hier zijn.